| Célestin Freinet |
|
Freinet in onze BSO
voren dat ons erg aanspreekt: Zelfredzaamheid. Doordat kinderen met elkaar leren communiceren en zo problemen met elkaar kunnen oplossen, worden ze zelfstandig. De kinderen zijn bij ons vrij om te kiezen welke activiteiten ze willen doen. Nadat zij samen de eettafel hebben opgeruimd, kunnen zij op ons activiteitenbord een activiteit van de dag kiezen en zich daarvoor inschrijven. Kiezen zij niet voor deze aangeboden activiteit, dan mogen ze op het bord schrijven wat zij dan wel gaan doen.
kinderen foto’s maken van de omgeving, of van een uitje. Deze mogen zij dan uitprinten en
ophangen, of op de site plaatsen. activiteiten van de dag verzinnen, maar ook vergaderen over de dingen die goed gaan en dingen
die beter kunnen. Célestin Freinet
Hun interesse kwam pas tot leven door uit te gaan van hun interesse in de omgeving, van hun eigen ervaringen en vooral door er op uit te trekken met elkaar. Zijn methode is erop gebaseerd de ervaringen van buiten de school naar binnen te halen.
Kinderen leren van en met elkaar. Zij leren door zelf te handelen, te experimenteren, uit te zoeken en te ontdekken en daar met anderen over te communiceren. Daarbij zijn niet alleen cognitieve maar ook sociale aspecten en uitingen van belang. een activiteit bedenken. Hij luistert naarde kinderen, kijkt waar ze mee bezig zijn en speelt daarop in. Hij laat hen zelf zoeken naar oplossingen voor problemen en laat hen daarover vertellen aan de andere kinderen. Eventueel stelt hij voor dat een andere kind kan helpen, of hij geeft een aanwijzing waar de oplossing gevonden kan worden.
onderling als met de leidsters en ouders. Er wordt een groepsgroeiboek bijgehouden waarin leidsters, ouders en kinderen kunnen schrijven. De bedoeling daarvan is dat belevenissen ook teruggehaald kunnen worden. Het lesmateriaal bestaat vooral uit door de kinderen zelf geschreven teksten. Ze drukken of kopiëren deze of verspreiden ze via de computer. In deze teksten verwoorden zij meestal wat zij gedaan of meegemaakt hebben. Hierdoor herbeleven zij dit, verwerken het beter en maken het zich meer eigen. muziek en boetseren uiten kinderen zich. Zij laten daarin zien hoe in hun ogen de wereld is. De waarde ligt echter niet alleen in de activiteit, maar ook in het resultaat. Kinderen worden gestimuleerd om door te gaan met hun bezigheid om een beter resultaat te bereiken. Ze krijgen dan nieuwe technieken en vaardigheden aangereikt. Het spelmateriaal bestaat uit normale gebruiksvoorwerpen als potten en pannen en dingen uit de natuur.
keuken bijvoorbeeld. Kinderen maken hier dingen met elkaar en voor de hele groep. Zij dragen op deze wijze op hun eigen niveau verantwoordelijkheid voor het reilen en zeilen in de groep. Ze leren wat er nodig is om met elkaar te leven. Belangrijk is dat kinderen leren om met verstand en plezier met de werkelijkheid om te gaan. Het is niet goed als zij zich opsluiten in een individueel fantasiewereldje. Door hen te betrekken bij de inrichting van de hoeken wordt dit gestimuleerd. Er wordt in deze hoeken gebruik gemaakt van materialen die in het dagelijkse leven ook gebruikt worden. Bron: Angerenstein 314 Kinderopvang Visie op opvoeden hoofdstuk 2 |